Toespraak John Vervoort bij presentatie SALAMI van Rudy Soetwey

8 oktober 2018 § Een reactie plaatsen

Boekpresentatie SALAMI 6 oktober 2018, Volkssterrenwacht Urania in Hove.

Beste aanwezigen, beste meneer Soetewey, beste Rudy,

Sta me toe om, voor ik me buig over het boek en de schrijver die hier vandaag in de belangstelling staan, iets te zeggen over mijn rol in het literaire bedrijf.

Ooit zei iemand dat recensenten of critici de luizen in de pels van de auteurs zijn. Recensenten of critici zijn soms minder dan een amoebe, een noodzakelijk kwaad, quantité negligable. De redenering is: zij die het kunnen doen het, zij die het niet kunnen worden recensent. Of criticus. Of zoals de grote dirigent en componist Leonard Bernstein het ooit zei: ‘Ik ben overal ter wereld geweest en ik heb nog nooit een standbeeld van of voor een criticus gezien.’ Hij heeft gelijk.

Het is een stiel die niet tot veel dankbaarheid leidt. Een recensent of criticus kan zelden goed doen. Een positieve recensie is voor de auteur de logica zelve. Immers, hij heeft het best mogelijke boek neergepend, goed voor deze of gene lekker gespekte prijs en een oplage ter grootte van de bevolking van een middelgrote Vlaamse stad. Denkt hij. Dus is het niet meer dan logisch, denkt de schrijver, dat hij bejubeld en gefêteerd wordt.

Is de kritiek negatief, dan zal de schrijver natuurlijk jeremiëren dat de recensent of criticus ‘de botten’ van zijn boek heeft begrepen, dat de recensent of criticus een nitwit/sul/loser/pezenwever/schotelvod/

prutser/boerenlul eersteklas is die nog geen Jip-en-Jannekeverhaal zou verstaan. Laat staan een verhaal, zelfs in Jip-en-Janneketaal, kan schrijven. Zelfs Annie M.G. Schmidt zou zich in haar graf omdraaien bij het gehannes/gezever/gebeuzel/gezeik en gezanik van deze would-be schrijver ‘Dat hij verdomme dan recensent, of criticus’ wordt,’ hoor je haar vanaf gene kant roepen. Want zij die het kunnen, enfin….

Maar nog eens, een recensent of criticus heeft geen gemakkelijke stiel. Neem nu Salami van Rudy Soetewey, de misdaadroman die wij hier vandaag aan de wereld en de sterren presenteren. Omdat het een thriller is kan en mag de recensent zo goed als niks onthullen over de plot en het hoe, wat of waarom van het verhaal. Hoogstens mag hij een aanzet geven van hoe het verhaal begint en erbij vertellen of de afloop spannend en geloofwaardig, of voorspelbaar en ‘totaal van de pot gerukt’ is.

De job van recensent of criticus is dus niet eenvoudig.

Want Soetewey heeft het mij niet gemakkelijk en zelfs moeilijk gemaakt. Reeds na een vijftigtal bladzijden begrijp je waar het in dit verhaal rond draait. Maar u die clues weggeven zou hetzelfde zijn als vertellen hoe de aap uit de mouw komt in De moorden in de Rue Morgue van E.A. Poe, waarom Anderlecht altijd weer verliest en hoeveel zetels Bart De Wever en zijn partij gegarandeerd gaan winnen of verliezen. Een recensent of criticus mag dan soms denken dat hij God is en de waarheid – een belangrijk woord in deze – in pacht heeft maar hij mag dat natuurlijk nooit toegeven. Anders zou hij de boel danig versjteren natuurlijk.

Maar ik ben natuurlijk ingehuurd om toch iets te vertellen over deze misdaadroman en, onder andere, waarom het de in thrillermilieus lichtjes bevreemdende titel Salami heeft. Want de titel is de kortste samenvatting van een  boek. Wel, dat komt heel eenvoudig omdat een salami een belangrijk attribuut in dit verhaal is. Simple comme bonjour. Mocht dit verhaal door Jommekes Jef Nijs bedacht zijn, dan zou dit boek gegarandeerd ‘De jacht op de Salami’ heten.

Want wat wil het geval. Bart Colenbunders, niet meteen de stoere naam voor een diehard detective, krijgt de opdracht om op zoek te gaan naar een verkochte salami uit de slagerij van slager Van Acker. Zijn dochter Lara, dat mag ik hier onthullen want Rudy Soetewey, doet dat al op bladzijde negen, zou wel eens de dievegge kunnen zijn van een kostbaar en uniek goedje dat zij als laborante heeft gestolen. Of eerder heeft meegenomen want zij heeft het goedje kwansuis toevallig ontdekt. Nog eens mensen, als u zou weten wat het goedje is, dan zou u begrijpen waarom de opdrachtgever Colenbunders meteen tienduizend euro als voorschot betaalt, met zicht op een tweede fiks bedrag als de opdracht met vrucht voleindigd is. En waarom het de interesse heeft van zo ongeveer de hele wereld, waaronder de maffia en de CIA en alle andere geheime diensten en bedrijven.

Maar voor je het goed en wel beseft hollen Bart en Lara achter een salami aan waar het goedje in verwerkt is door de argeloze vader van Lara. Hun zoektocht brengt hen op talloze plaatsen en eindigt zelfs in het Europees parlement waar wordt verteld over ‘de grootste bedreiging’ voor de mensheid ooit. Neen, en het is geen fout draaiende nucleaire fabriek of iets wat daar gefabriceerd wordt. Als die dingen tenminste werken.

Lara’s ontdekking is een mooi voorbeeld van serendipiteit, dat prachtige woord dat betekent dat je iets gevonden hebt wat je niet hebt gezocht. Het schijnt dat het beroemde blauwe pilletje daar een mooi voorbeeld van is want de chemici waren op zoek naar een geneesmiddel tegen hartritmestoornissen en merkten dat het middel een prettige bijwerking had.

De bijwerkingen van wat Lara serendipiteitsgewijs heeft ontdekt zijn zo onthutsend dat het niet alleen op microniveau, zeg maar in het huisgezin of aan een cafétafel de relaties en de vriendschappen stevig zou ondermijnen maar ook op macroniveau, zeg maar wereldwijd, ettelijke tsunami’s en aardverschuivingen zou veroorzaken. Alhoewel ik heel graag zou zien, Soetewey en de mensen die het boek al lazen zullen mij begrijpen, hoe iemand als Trump of onze gecontesteerde rechter Cavanaugh en elke andere politicus, ceo of gezagsdrager ter wereld zich recht zou houden in de stormen die door wat Lara heeft ontdekt veroorzaakt zouden worden.

Wat dat middel is? Lees het boek en denk de logische consequenties van wat Lara ontdekte door. En de vraag vooral of je zou willen dat wat Lara heeft ontdekt beschikbaar zou worden voor Donald met de kuif en Jan met de pet.

 

Humor en spanning, goed samengaan doen die twee dingen zelden. Er zijn niet veel misdaadauteurs die erin slagen om hun verhaal suspensevol en humoristisch te maken. De grappigste spannende auteur aller tijden is waarschijnlijk de Amerikaanse misdaadauteur Raymond Chandler die het vooral van oneliners moest hebben, genre: ‘Ze rook zoals de Taj Mahal erbij ligt in de maneschijn’.  Of: ‘Ze had ogen als vreemde zonden’.

Ik vermoed dat Soetewey een fan van Chandler is want ook hij strooit kwistig met oneliners. Dit zegt hoofdfiguur Bart Colenbunders over zijn vader, een voormalige detective: ‘Hij was een prima detective geweest, maar met het zakeninstinct van een hamburger.’ Over iemands neus wordt gezegd dat het ‘wees als een kromzwaard in mijn richting’. En ik zou talloze dialogen kunnen citeren die knisperend, inventief en grappig zijn.

Maar Soetewey doet nog iets meer dan regelmatig een oneliner debiteren. Zijn verhaal, dus de plot die hij bedacht, is ongemeen grappig en heeft soms heuse slapstickallures. Door de aard van hun onderzoek moeten Bart en Lara aan informanten of verdachten regelmatig vragen stellen als: ‘Heb je zweetvoeten?’, ‘Heb je ergens zwart geld liggen’ of, tegen de dochter van een van hen: ‘Heb je al geneukt, Chelsea?’ Waarom die intieme en indringende vragen moeten gesteld worden en waarom ze dan vaak hals over kop moeten vluchten mag ik hier niet onthullend maar onthullend zijn ze wel.

Maar door alle humor, oneliners en slapstickscènes waarmee Soetewey dit verhaal doorspekt sluimert wel een ernstige problematiek die draait rond de manier waarop wij tegenwoordig omgaan met de waarheid en de ontelbare manieren waarop die waarheid geweld kan aangedaan worden. Dat is de kern van dit boek: waarheid en leugen. De term, ‘een leugentje voor bestwil’, krijgt voor wie dit boek las een totaal andere invulling. Niet voor niets staat er op het voorplat deze zin: ‘Als de waarheid op het spel staat, wordt er vaak gelogen.’

Wat is waarheid? Wat is leugen? In de wereld die Soetewey hier gecreëerd heeft is het tegelijk overduidelijk maar ook heel ontregelend en zelfs uiterst gevaarlijk.

Ik heb u wat onthuld van dit mooie, grappige en oprecht spannende boek dat Soetewey geschreven heeft, maar de crux van het verhaal moet u zelf ontdekken. In ieder geval heb ik mij met Salami enige uren uitermate goed geamuseerd.

En meneer Soetewey, Rudy, ik heb in deze toespraak niet gelogen. Proficiat.

John Vervoort

Hove, 6 oktober 2018.

 

Vrijdag Salami 3D

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Wat is dit?

Je leest nu Toespraak John Vervoort bij presentatie SALAMI van Rudy Soetwey voor VrijdagBlog.

Meta

%d bloggers liken dit: