Tom Decock over ‘Andromeda’ van Jef Schokkaert

28 november 2017 § Een reactie plaatsen

HAL 5, Kessel-Lo, 20.10.2017

Dames, heren, goeie vrienden,

Er zijn maar drie gelegenheden in het leven om echt iederéén die je lief is verzameld te krijgen onder één dak, en dat zijn je trouwfeest, je begrafenis en je eerste boekvoorstelling. Echt machtig om te zien met hoeveel we vanavond zijn samengekomen om Andromeda boven de doopvont te houden. Een intrigerend, modern verhaal dat pivoteert rond een terreuraanslag op een tuinfeest vol prominente genodigden, die op de een of andere manier verbonden blijken met elkaar. Een aanslag die de toekomst voorgoed zal veranderen. Dit is het eerste publieke geesteskind van Jef Schokkaert: familielid of vriend van elk van ons, en binnenkort ook literair idool.

En dat laatste meen ik. Ik heb nog ergens een vergeeld diploma Germaanse Talen liggen, dus ik ben officieel gekwalificeerd om te zeggen dat we hier in het gezelschap zijn van een zeldzaam talent. Met internationale allures zelfs. Maar omdat ik thuis altijd geleerd heb dat je een man met oranje haar nooit op zijn woord mag geloven, stoffeer ik die bewering graag met wat voorgeschiedenis.

Ik ken Jef niet heel goed, maar al wel heel lang. En als ik één ding over hem geleerd heb in al die jaren, is het dat hij zijn passies altijd totaal beleeft. Vriendschappen, relaties, engagementen, een gesprek over het leven, een pint drinken: hij doet iets ofwel met volle overgave, ofwel doet hij het niet. Hij leeft al zolang ik hem ken als een kunstenaar, een bohémien soms zelfs, die erin slaagt in zijn geheel eigen stijl de waan van de dag te overstijgen. Jef zal nooit ofte nimmer zomaar deelnemen aan wat goedkope smalltalk. Als ik zou zeggen: “Amai, de prijzen van de diepvriespizza van Dr. Oetker zijn weer gestegen, dat is eigenlijk echt een schande,” dan is de kans groot dat hij, turend in de verte en na een trek van zijn gerolde sigaret, zou zeggen: “Nee, Tom. Dat is geen schande, als je erover nadenkt. En ik zal je uitleggen waarom.” Elk van ons heeft op die manier wellicht al meer dan één lange, boeiende avond bij meer dan één fles wijn met Jef doorgebracht.

Scherpzinnige wereldcriticus. Trouwe vriend. Spectaculaire gesprekspartner. Maar de passie die Jef altijd het meest allesverzengend beleefd heeft, is schrijven. Ik mag het woord obsessie hier wellicht met zijn permissie in de mond nemen. Andromeda is niet Jef zijn eerste boek. Het is het eerste dat wij mogen lezen. Het is het eerste dat hij zelf goed genoeg vindt. Maar eigenlijk bestaat er al een oeuvre van honderden en honderden bladzijden, waar de voorbije jaren nachtenlang een gezwoegd werd. Schrijven is voor Jef arbeid, een proces dat volledige concentratie vereist, waar eten en drinken en omgeving bij inschieten. Absorptie. En dat in de grootste geheimhouding. Niemand van ons wist waar hij al die jaren met volle overgave aan zat te werken. Pas in een laat stadium mocht een select clubje van proeflezers input geven. Om het met Sinatra te zeggen: Jef deed het op zijn eigen manier.

Met zo’n vriend die jarenlang aan de cafétoog zégt dat hij een boek aan het schrijven is, maar nooit iets laat lezen, kan het twee kanten uit. Ofwel blijft ie dat decennialang beweren, en komt er in het beste geval een ietwat provincialistisch novelletje in eigen beheer uit, dat je uit beleefdheid koopt om cadeau te doen aan je baas of schoonmoeder. Ofwel blijkt er al die tijd een waar literair genie voor je neus gezeten te hebben.

En laat dat laatste nu – gelukkig maar, het zou hier anders gênant worden – hier het geval zijn. Ik laat Andromeda voor zich spreken. Een echt zo goed als willekeurige passage.

PASSAGE: SERENDIPITEIT

Toeval heeft hier inderdaad weinig mee te maken, vrienden. Er spat métier van elke bladzijde, van elke zin zelfs. En akkoord, het is links en rechts nog wat zoeken, nog wat doseren, maar tegelijk ook al meteen duimen en vingers aflikken bij zoveel passie voor taal. De zwierige, rijk versierde zinnen, die vaak uitnodigen tot twee of drie keer herlezen zodat je alle lagen begrijpt. Het oog voor detail, zowel in situaties en decors als in mensen. De personages die je leert kennen zijn zo levensecht dat ze hier in ons midden zouden kunnen zijn. Met hun grote en vooral veel kleine kanten. De emoties die ze doorspartelen zijn bijna tastbaar. Alsof de auteur ze stuk voor stuk zelf heeft gevoeld.

En de verhaallijnen waarin die vierdimensionale mannen en vrouwen elkaar vinden zijn ambitieus. Het verhaal van ‘Andromeda’ laat zich niet zomaar samenvatten, zo groots is het van opzet. De research die aan de basis ligt is van het type “Ofwel heeft hij hier echt héél goed onderzoek naar gedaan, ofwel kan hij verdomd goed doen alsof.” Je gelooft elk woord. Ook de vorm van Jefs debuut is uniek. Het is een flow van hoofdstukken en scrapbook-gewijs verzameld materiaal dat een halve eeuw overspant, in een strakke en aantrekkelijke verpakking.

En dat allemaal, dames en heren, resulteert in een boek dat meer op een uitstekend vertaalde Angelsaksische bestseller lijkt dan op een Vlaams debuut. Als deze niet verfilmd wordt, dan zeker zijn volgende. Wie de hoofdrol mag spelen vraag ik ‘m zelf, uw applaus voor AUTEUR Jef Schokkaert.

Tom Decock

Advertenties

IN HET MUSEUM wint ‘beste debuut’ Zeeuwse Boekenprijs 2017

14 november 2017 § Een reactie plaatsen

Uit het juryrapport van de Zeeuwse Boekenprijs 2017:

In het museum van Joost van Driel. Antwerpen, Uitgeverij Vrijdag, 2017 Neerlandicus
Joost van Driel heeft reeds diverse wetenschappelijke publicaties op zijn naam staan. Met In het Museum debuteert hij als romanschrijver. Deze solide vertelling speelt in het recente verleden. David Schijndels, zes jaar oud, reist met zijn vader – een verkoper van luxe overhemden – maandelijks vanuit het Zeeuwse provinciestadje waar ze wonen naar Brussel. De reisjes moeten geheim blijven voor Davids labiele moeder. In Brussel wordt David gedropt in het natuurwetenschappelijk museum onder de hoede van Sarah, zijn ‘museumoppas’, die een belangrijke sturende rol heeft in Davids ontdekking van het leven. Terwijl zijn vader met een paarse Borsalino op zijn hoofd een dubbelleven leidt en in de stad de bloemetjes buiten zet, zwerft David door het museum en ontdekt de fascinerende wereld van de dinosauriërs. David beschrijft deze uitstapjes vanuit zijn fantasierijke kinderwereld.

Joost van Driel leidt de lezer in een fijnzinnig uitgesponnen verhaal, met mooie, beklijvende zinnen, naar een onverwacht en surrealistisch einde. De kinderlijke verbeeldingskracht en loyaliteit van David leiden je door de complexiteit van de menselijke relaties, waarbij alles mogelijk is en blijkt te zijn. In het museum is het verhaal van het verborgen leven in dode fossielen, van de liefde tussen vader en zoon en tenslotte over de onvermijdelijke ondergang van een huwelijk en het verraad van volwassenen.

De gedachte dringt zich na lezen automatisch op: dit is een schrijver van wie we meer willen horen. Reden voor de jury om In het museum de Accolade Beste Debuut toe te kennen.

Waar ben ik?

Je ziet het archief van november, 2017 om VrijdagBlog.